about

Born,  Bruges,  1956
lives and works in Bruges, Belgium

​​​​​​​ #.../Y-series

What started some years ago as a digital revisiting of negatives of over 25 years old, resulted in a new and continuing series of photographs documenting and questioning the timelessness of human interventions in nature.

Can such interventions gain a timeless character and become part of their surroundings or do they inevitably remain as scars?

The intentional use of a very limited analog camera expresses itself in images that possess an inherent and appropriate timeless quality.

 

Els Wuyts - 2019
exhibition 'Frozen in Time' - Kasteelstraat 1  Pavilion Contemparary Art  Watou 

Jean Godecharle’s (°1956) photographic work is both visible in the lush greenery of the garden and in the bright interior space. As an artist, he has to some extent abandoned the accepted norms of photography : he consciously suppresses the urge to produce a detailed photograph. The photographs have been given both manual and analogue time to be developed and viewed. His images have been traditionally crafted together with new technological know-how, whereby a landscape is centred in the middle of the picture and accentuated by blurred edges calling for the necessary distance. These are fragments of dream images, in which natural elements evoke movement while the incidence of light creates depth.

Hans Eneman - 2018

Jean Godecharle toont foto’s van landschappen gevat in zachte grijstonen die het hele beeldvlak vullen. We zien aarde en steenpuin begroeid met bossen, bomen en kleiner struikgewas. De aanwezigheid van mens en dier is onbestaande of wordt gesuggereerd door een oude muur, een kronkelende veldweg. Een mistig, gedempt licht legt een elegante dramatiek over de scènes en creëert een nostalgische Cotswolds-sfeer. We krijgen secure beelden te zien, mooi en fragiel, doordrenkt van de visuele rijkdom van de wereld. Vaak lijken het plukjes ongerepte natuur, eilandjes van dicht en aaibaar groen, die werden uitvergroot tot een woud dat reikt naar het grote, het onvoorstelbare, het eeuwige, het niets ... haast Heideggeriaans qua envergure. 

Dit werk is dromerig en tegelijkertijd afstandnemend. 
En het is die tegenstelling die de foto’s van Jean Godecharle interessant maakt : we lopen op een zachte moslaag, maar voelen de rotsen daaronder.  J. D. Salinger parafraserend kunnen we hier haast spreken van spirituele krachten die in het beeld trachten te winnen van de objectieve werkelijkheid, maar daar niet in slagen. Dat heeft te maken met de fotograaf, die het oorspronkelijke beeld met de computer bewerkt en verder dan de poëzie zoekt naar een voorstelling die de binding met het harde substraat laat zien. Hij tracht dus de romantiek van het oorspronkelijke beeld terug te dringen en het opnieuw te objectiveren. Dat lukt natuurlijk niet, maar de daad van manipulatie injecteert het beeld wel met een ongemakkelijke stilte. Het is die beklemmende wederkerigheid, van poëzie naar realiteit en weer terug, die Jean Godecharle ons in zijn foto’s voorhoudt, waardoor zijn beelden bekoren en tegelijkertijd beangstigen. Zijn betrachting lijkt wel de verbeelding van een soort tussenwereld. Een wereld die vergeten is wat ze allemaal heeft doorstaan, maar toch niet doordraait alsof er niets gebeurd is. We zien op de foto’s dus niet onmiddellijk wat er aan de hand is, maar we voelen het. 

Jean Godecharle helpt ons elk beeld letterlijk te doorgronden, door te dringen tot onder de oppervlakte van zijn verschijningsvorm. Het sterk picturale en plastische karakter van dit werk dwingt ons voorbij zijn romantische liefelijkheid, dieper in het beeld, wat haast vanzelfsprekend tot bespiegeling leidt. Dit is dus fotografie die, om het eens met Lyotard te zeggen, ‘het gevoel voor het onpresenteerbare scherpt’.